Opvoeden is een uitdagende taak. Dat wordt nog complexer wanneer ouders zelf kampen met psychische kwetsbaarheden of verslavingsproblemen.

Veel ouders worstelen met de vraag of hun eigen problemen invloed hebben op hun kinderen. Een veelgehoorde gedachte is: “Met mij gaat het niet goed, maar mijn kinderen merken er niets van.” Hoewel die gedachte begrijpelijk is, tonen praktijk en onderzoek aan dat kinderen vaak meer oppikken dan we denken.

KOPP/KOV 2 tot 4 keer

meer kans op psychische problemen of verslavingsproblemen, in de jeugd of later als volwassene.

Voor ouders

Je hoeft het niet perfect te doen

Kinderen hebben vooral duidelijkheid, veiligheid en steun nodig. Kleine eerlijke stappen kunnen al verschil maken.

Voor kinderen

Het is niet jouw schuld

Kinderen kunnen zich verantwoordelijk voelen voor klachten van een ouder. Uitleg helpt om schuld en verwarring te verminderen.

Voor professionals

Kijk naar het gezin

Vraag niet alleen naar klachten van de ouder, maar ook naar wat kinderen merken, dragen en nodig hebben.

Herken je dit?

Onderstaande uitspraken kunnen passen bij ouders die veel moeten dragen. Klik open wat herkenbaar voelt.

Ik wil mijn kind een fijne jeugd geven, maar het lukt me niet altijd.

Door somberheid, angst, middelengebruik of overbelasting kan de energie ontbreken om beschikbaar te zijn zoals je zou willen.

Ik raak sneller geïrriteerd dan ik wil.

Als je hoofd vol zit, kan geluid of drukte in huis sneller te veel worden. Dat zegt niet dat je geen liefde voelt, maar wel dat er steun nodig kan zijn.

Ik weet niet goed wat mijn kind merkt.

Kinderen letten op sfeer, routines, gezichtsuitdrukking, stilte, spanning en veranderingen in gedrag. Ook jonge kinderen voelen vaak dat er iets speelt.

Ik weet niet hoe ik mijn kind moet vertellen wat er aan de hand is.

Het gesprek hoeft niet in één keer perfect. Eenvoudige woorden, passend bij de leeftijd, zijn vaak al helpend.

Ik voel me schuldig over mijn ouderrol.

Schuldgevoel komt veel voor. Het kan helpen om te kijken welke kleine, haalbare stap vandaag veiligheid of duidelijkheid kan geven.

Hoe kinderen subtiele signalen oppikken

Kinderen merken het vaak als ouders problemen hebben, zelfs als ouders dat niet doorhebben. Ze kunnen kleine signalen oppikken, zoals een ouder die meer tijd in bed doorbrengt, sneller geïrriteerd raakt of stiller is aan tafel. Ze letten ook op minder oogcontact, een gespannen sfeer of veranderingen in routines.

Voor kinderen zijn ouders de belangrijkste mensen in hun leven. Als ouder probeer je misschien je klachten te verbergen, maar kinderen zien vaak meer dan je denkt. Ook als ze nog jong zijn of niet precies begrijpen wat er speelt, voelen ze aan dat er iets mis is.

Meer terugtrekken Sneller boos of prikkelbaar Slecht slapen of nachtmerries Veel zorgen maken Overnemen van taken Minder spelen of afspreken

Hoe kinderen reageren

Kinderen reageren verschillend op spanning thuis. De ene reactie is zichtbaarder dan de andere.

Actief aanpakken

Sommige kinderen proberen de situatie op te lossen, bijvoorbeeld door taken in huis over te nemen. Dat kan controle geven, maar ook overbelasting veroorzaken.

Aanpassen

Andere kinderen proberen positief te blijven, zich aan te passen of zichzelf af te leiden. Dat kan helpen, zolang ze zichzelf niet wegcijferen.

Afstand nemen

Sommige kinderen trekken zich terug of vermijden de situatie. Dat kan tijdelijk beschermen, maar op lange termijn eenzaamheid vergroten.

Tips voor ouders: praten met kinderen

Openheid kan helpen om piekeren en schuldgevoelens te voorkomen. Als ouder ken jij je kind het beste. Hieronder staan tien tips die richting kunnen geven.

Kies het juiste moment

Sommige kinderen praten makkelijker tijdens een activiteit, zoals tekenen, wandelen, afwassen of voor het slapengaan.

Gebruik je eigen woorden

Kies informatie die past bij de leeftijd. Voor jonge kinderen kan beeldspraak helpen, bijvoorbeeld: “Mama heeft soms een regenwolkje in haar hoofd.”

Wees eerlijk

Vertel niet alles in één keer. Vraag tussendoor of je kind begrijpt wat je bedoelt en nodig vragen uit.

Laat zien dat gevoelens er mogen zijn

Je mag verdriet of emotie tonen. Als het te veel wordt, neem dan pauze en kom later terug op het gesprek.

Luister naar je kind

Neem gevoelens serieus, ook als je kind anders reageert dan je verwacht. Soms helpt tekenen of spelen beter dan praten.

Neem schuldgevoelens weg

Zeg duidelijk dat jouw klachten niet de schuld zijn van je kind en dat je kind niet verantwoordelijk is voor jouw herstel.

Moedig praten met anderen aan

Een familielid, leerkracht, mentor of andere vertrouwde volwassene kan een belangrijke steunfiguur zijn.

Normaliseer psychische problemen

Leg uit dat psychische problemen niet iets zijn om je voor te schamen en dat hulp mogelijk is.

Vraag advies en ondersteuning

Je hoeft het niet alleen te doen. Een partner, familielid of professional kan helpen om woorden te vinden.

Zorg voor veiligheid

Maak duidelijk dat alle vragen welkom zijn en dat er geen goede of foute gevoelens bestaan.

Wat hebben kinderen nodig?

Kinderen hebben een omgeving nodig waarin ze zich geliefd, veilig, welkom en gesteund voelen. Een omgeving die hun angsten niet groter maakt, maar helpt dragen.

Ruimte voor gevoelens

Kinderen moeten emoties kunnen uiten en begrip kunnen ervaren.

Serieus genomen worden

Luister goed, ook als het om kleine dingen lijkt te gaan.

Structuur en leiding

Vaste routines geven houvast, rust en veiligheid.

Kind kunnen zijn

Kinderen mogen geen verantwoordelijkheden dragen die niet bij hun leeftijd passen.

Geduld

Kinderen leren langzaam en hebben rustige begeleiding nodig.

Een steunnetwerk

Andere veilige volwassenen kunnen het verschil maken.

Voorbeeldverhaal van Finn

Het verhaal van Finn laat zien hoe signalen zich door de jaren heen kunnen ontwikkelen. Het is een fictief voorbeeld dat verschillende levensfasen zichtbaar maakt.

0-1 jaar

Onzichtbare pijn

Finn huilt veel, maar zijn moeder is vaak emotioneel afwezig. Subtiele signalen van behoefte en contact worden gemist.

1-3 jaar

Terugtrekken in stilte

Finn speelt minder, klampt zich vast en trekt zich terug wanneer de spanning thuis oploopt.

4-6 jaar

Verlies van vertrouwen

Op school spreekt hij weinig over thuis. Thuis ontstaan driftbuien, nachtmerries en angst om alleen gelaten te worden.

6-12 jaar

Schuld en schaamte

Finn voelt zich verantwoordelijk voor zijn moeder en denkt: “Als ik beter mijn best doe, zal mama blijer worden.”

12-18 jaar

Een dubbele last

Hij zorgt voor zijn zusje, spijbelt vaker en durft uit schaamte en loyaliteit weinig te vertellen.

18+ jaar

Het loslaten

Finn zoekt hulp en leert langzaam dat hij geen schuld draagt voor de situatie thuis.

Voorleesboekjes en meer informatie

Het Trimbos-instituut heeft voorleesboekjes en brochures gemaakt voor verschillende leeftijden. Deze kunnen helpen om woorden te vinden voor kinderen en jongeren.

Bronnen: Wenselaar, L. (2015). Integrale hulpverlening aan ouders met psychiatrische en/of verslavingsproblemen en hun kinderen. Werkboek voor ouders met psychiatrische en/of verslavingsproblemen en hun kinderen. Werkboek voor kinderen en jongeren van ouders met psychiatrische en/of verslavingsproblemen.